Erfstuk – Schemerlamp

“Dat is geen eng gezicht. Dat is een boom.”

Oma stelde mij gerust. “Dat meisje staat onder een boom op iemand te wachten.”

Hij stamt uit 1800. De lamp stond op het notenhouten dressoir. Rozerode kap met een geschulpte rand. Het leek net een rimpelrok. “Een kermisding,” hoorde ik ooit iemand boven mijn kinderhoofd zeggen. Geen idee wat dat was. Wij gingen niet naar de kermis. Als de lamp brandde gaf dat warm roze licht en leek het net alsof mijn heimwee minder werd. Want ook al logeerde ik bij oma, Heimwee was altijd van de partij. Overdag ging het goed, maar zodra het pyjamatijd werd kwam Groot Verdrietig Verlangen om de hoek kijken: naar huis! Maar als dan de lamp aanging en ook de poot van de lamp in schemerlicht stond werden mijn gedachten afgeleid. Dan kwam het mooie meisje met de wijde rok tot leven. Leek het alsof de bloemen op haar koperen rok dansten en ik de bloemen in haar mandje kon ruiken.

Na het overlijden van oma kwam de lamp bij ons in huis. De rozerode kap werd vervangen. Lamp viel. Boom brak af. Handige zwager had daar een oplossing voor: schroef erin! En zo brandde de lamp tot op de laatste avond van mijn moeders leven in maart jl.

In goede harmonie werd haar woning ontmanteld.

“Die lamp, niet naar de kringloop? Dat ding past toch ook niet in jouw interieur?”

Nee, niet echt. Maar ik ben blij dat hij nu hier staat!

(Erfstukken. Topic. Winter 2018)

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *